De bestuurder en zijn bijrijder keken turend naar het verkeerslicht dat boven hun hing.
De bestuurder kneep met zijn ogen en hield zijn hand boven zijn ogen, om zo het zonlicht wat minder in de weg te laten hangen.
Ik zag hem denken.
'Is het nou groen, of lijkt dat maar zo?'.
De bestuurder achter hun toeterde ongeduldig naar ze en de bestuurder schrok op en gaf gas.
In het voorbijrijden zag ik ze lachend naar elkaar kijken.
Het was dus toch groen.
Eén reactie

Heide (E-mail) (URL) - 13-08-’10 15:56